Duurzaam Westvoorne Energie

Veelgestelde vragen
Regionale Energiestrategie

De Regionale energiestrategie (RES), wat en waarom?

Waarom maken we een RES?

Het klimaat verandert doordat de temperatuur op aarde stijgt. Dat komt doordat er steeds meer broeikasgassen zoals CO2 in de lucht komen. De Nederlandse overheid wil klimaatverandering tegengaan en heeft daarom het doel gesteld dat Nederland in 2030 49% minder CO₂ uitstoot ten opzichte van 1990. In 2050 moet dit ten minste 95% minder CO2-uitstoot zijn. Nederland heeft dit in 2015 afgesproken in het klimaatverdrag van Parijs. Samen met 195 andere landen zet Nederland zich in om in 2050 de opwarming van de aarde te beperken tot 2 graden Celsius, en zo mogelijk 1,5 graden Celsius. Om die afspraak na te komen hebben in Nederland de overheden, het bedrijfsleven en maatschappelijke partijen het Klimaatakkoord opgesteld. Het Klimaatakkoord bestaat uit een pakket aan concrete afspraken en maatregelen hoe we in Nederland de CO2-uitstoot in 2030 kunnen halveren. Aan de afspraken in het Klimaatakkoord over Elektriciteit en de Gebouwde Omgeving moet regionaal invulling worden gegeven. Daarom heeft het Rijk Nederland verdeeld in 30 energieregio’s en hen gevraagd ieder een Regionale Energie Strategie (afgekort RES) op te stellen. De energieregio Rotterdam-Den Haag is er daar één van. De vier gemeenten op Voorne-Putten horen bij deze energieregio. 

Het Nederlandse Klimaatakkoord is hier te vinden.

Wat staat er in de RES?

De RES’en beschrijven hoe en waar de 30 energieregio’s in Nederland in 2030 samen 35 terawattuur (TWh) aan groene elektriciteit op land gaan opwekken. In de energieregio’s nemen gemeenten, waterschappen, provincies en de netbeheerders het initiatief om samen met bedrijfsleven, inwoners en maatschappelijke organisaties als energiecoöperaties, (lokale duurzame) energiebedrijven, agrarische partijen, landschapspartijen- en beheerders, belangenverenigingen, het onderwijs, woningcorporaties en het bedrijfsleven te bepalen waar in hun gebied de hernieuwbare energie opgewekt gaat worden en of daar voor elektriciteit uit zonne- of uit windenergie wordt gekozen.

Voor het duurzaam verwarmen van de gebouwde omgeving (woningen, utiliteitsgebouwen en bedrijfspanden) brengen de RES’en de in de regio aanwezige duurzame warmtebronnen, de warmtevraag en warmtenetwerk (energie-infrastructuur) in beeld. Ook wordt beschreven hoe de warmtevraag en (potentieel) warmteaanbod aan elkaar gekoppeld kunnen worden.

Ten slotte staat er in de RES beschreven wat de (ruimtelijke) uitgangspunten zijn, de organisatie rondom de RES (procesbeschrijving en partijen) en hoe de participatie is georganiseerd om tot regionaal gedragen keuzes te komen.

Waarom is er gekozen voor 30 energieregio's?

Iedere gemeente zou een plan kunnen maken, maar de energietransitie houdt niet op bij de gemeentegrens. Aan de andere kant kan het niveau van de provincie, of nog grotere schaal té groot zijn om met belanghebbenden samen te werken. Daarnaast: in de regio weet men ook het best wat past en wat haalbaar is en kunnen keuzes aansluiten op de eigen kracht van de regio. Daarom is in het Klimaatakkoord gekozen voor 30 energieregio’s in Nederland die een Regionale Energie Strategie maken.

Energieregio Rotterdam-Den Haag

Welke partijen werken samen aan de RES Rotterdam-Den Haag?

De gemeenten Brielle, Hellevoetsluis, Nissewaard en Westvoorne behoren tot de energieregio Rotterdam-Den Haag. In deze energieregio werken in totaal 23 gemeenten, 4 waterschappen en 1 provincie samen aan de RES:

  • 23 Gemeenten: Albrandswaard, Barendrecht, Brielle, Capelle aan den IJssel, Delft, Hellevoetsluis, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Maassluis, Midden-Delfland, Nissewaard, Pijnacker-Nootdorp, Ridderkerk, Rijswijk, Rotterdam, Schiedam, ‘s-Gravenhage, Vlaardingen, Wassenaar, Westland, Westvoorne en Zoetermeer;
  • 4 Waterschappen: Waterschap Hollandse Delta en de Hoogheemraadschappen van Schieland en Krimpenerwaard, van Delfland en van Rijnland;
  • Provincie Zuid-Holland.

De RES Rotterdam-Den Haag maken we samen. Aan het Energieperspectief 2050, wat als uitgangspunt is gebruikt voor de concept RES, werkten ook mee (in alfabetische volgorde):

DCMR, Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, MRDH, Omgevingsdienst Haaglanden, RVO, Rijksvastgoedbedrijf, Rijkswaterstaat, Staatsbosbeheer, VNG, Natuur en Milieu Federatie, DUNEA, Economic Board Zuid-Holland, Greenport Westland Holland, Havenbedrijf Rotterdam, Innovation Quarter, JUVA, Stedin, Eneco, Energiesamen, Engie, Glastuinbouw Nederland, LTO, Netwerk Energiecoöperaties Zuid-Holland, RESCOOP, Uniper Energy, Vereniging Dorp Stad & Land, Vidomes, Woningcorporatie Haag Wonen en Woonstad Rotterdam.

Wat is de rol van de netbeheerders bij de RES?

De netbeheerders Stedin, Westland Infra, Liander en Tennet hebben een speciale rol in de RES: zij bekijken wat de impact van de plannen is op het toekomstige elektriciteitsnet. Hierbij vertalen zij regionale keuzes naar de impact op de kosten, doorlooptijd en ruimtebeslag van de netinfrastructuur. Bij het bepalen van de impact op de elektriciteitsinfrastructuur is bij de concept-RES gefocust op uitsluitend RES-regio Rotterdam-Den Haag. De bovenregionale impact van de aangrenzende energieregio’s en het totale landelijke beeld is nu nog onvoldoende beschikbaar. Dit zal onderdeel worden van het proces richting RES 1.0.

De netimpactanalyse regio Rotterdam-Den Haag (versie 22 april 2020) is hier te vinden.

Hoe ziet de planning voor het maken van de RES eruit?

De energieregio’s hebben tot 1 juli 2021 de tijd om hun RES te ontwikkelen. Tussen 1 juni en 1 oktober 2020 moet iedere energieregio een tussenstand geven van waar zij staan met de ontwikkeling van hun RES. Deze tussenstand wordt de concept-RES genoemd. De energieregio’s leveren de concept-RES’en in bij het Nationaal Programma Regionale Energiestrategie (NPRES). Het NPRES en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) gaan de RES’sen van de 30 energieregio’s bij elkaar optellen om te kijken of ze op koers liggen om de landelijke doelstelling voor het duurzaam opwekken van energie te halen.

De energieregio Rotterdam-Den Haag heeft op 1 juni zijn concept-RES ingeleverd bij het NPRES. De gemeenteraden van de gemeenten krijgen de gelegenheid om voor 1 oktober 2020 hun ‘wensen en bedenkingen’ op de concept-RES mee te geven. Op basis van de wensen en bedenkingen wordt de concept-RES verder uitgewerkt in de definitieve RES. De gemeenteraden stellen de definitieve RES vast. Vervolgens moet de RES iedere twee jaar worden geactualiseerd.

De concept-RES van de regio Rotterdam-Den Haag is hier te vinden.

Wat staat er nu precies in de concept-RES?

In de conceptversie van de RES staan de voorlopige praktische stappen omschreven die de regio Rotterdam – Den Haag wil zetten om te komen tot een betaalbare, betrouwbare, schone en veilige energievoorziening voor iedereen. Deze uitwerking geeft inzicht in:

  • mogelijkheden in de regio voor energiebesparing;
  • zoekgebieden in de regio voor het duurzaam opwekken van elektriciteit in de vorm van zonne- en windenergie;
  • afstemming in de regio rondom warmtebronnen;
  • gevolgen voor de opslag- en energie-infrastructuur in de regio;
  • al gerealiseerde projecten en plannen in de regio.

Wat betekenen de zoekgebieden voor zonne- en windenergie in de concept-RES?

De kaart met zoekgebieden in de concept-RES is een technische analyse van wat de mogelijkheden zijn voor zonne- en windenergie in de regio Rotterdam-Den Haag. Op deze kaart zijn daarom geen windmolens of zonnepanelen ingetekend. In de concept-RES is nog niet gezocht naar specifieke locaties voor grootschalige opwek van zonne- of windenergie, maar naar zoekgebieden. De volgende stap is om mogelijkheden binnen die zoekgebieden verder te verkennen.

Wat houdt de Energieverkenning Voorne-Putten in?

De gemeenten Brielle, Hellevoetsluis, Nissewaard en Westvoorne hebben laten verkennen op welke wijze duurzame opwekking van elektriciteit een plek in het landschap van Voorne-Putten kan krijgen. Op zo’n manier dat Voorne-Putten een eiland van rust en ontspanning blijft, waar het prettig is om te wonen en te recreëren. De energieverkenning geeft inzicht in welke soorten landschappen er zijn op Voorne-Putten, wat de kwaliteiten daarvan zijn en welke mogelijkheden er zijn om duurzame opwekking van energie in het landschap in te passen. In de verkenning wordt geadviseerd de inpassing van duurzame opwekking van energie altijd gepaard te laten gaan met investeringen in het landschap. Een extern bureau voor landschapsarchitectuur, Feddes/Olthof, heeft met de Energieverkenning Voorne-Putten een advies uitgebracht aan de colleges van de vier gemeenten over hoe dit vanuit het landschap gezien zou kunnen. De gemeenten hebben nog geen standpunt ingenomen over de adviezen uit de energieverkenning.

U kunt de Energieverkenning Voorne-Putten hier downloaden.

Rol inwoners en belanghebbenden bij de RES

Hoe kunnen inwoners meedenken?

Tussen 20 mei en 15 juni 2020 loopt een gezamenlijk participatietraject van de gemeenten Brielle, Hellevoetsluis, Nissewaard en Westvoorne over het duurzaam opwekken van elektriciteit op Voorne-Putten. De vier gemeenten willen van onder andere inwoners op het eiland weten wat hun voorkeuren zijn voor het duurzaam opwekken van elektriciteit met behulp van zon en wind. Inwoners kunnen hun mening geven via een peiling, die zowel digitaal als op papier kan worden ingevuld, drie digitale inwonersavonden en een werksessie voor ondernemers en andere organisaties, zoals natuurorganisaties, belangenorganisaties enz. Ook worden circa 20 inwoners van Voorne-Putten telefonisch geïnterviewd. 

Meedoen met de peiling kan tot en met vrijdag 12 juni via https://voorne-putten.swipocratie.nl. In totaal zijn drie inwonersavonden georganiseerd op 28 mei, 4 en 9 juni.  

De informatie die wordt opgehaald met het participatietraject wordt medio juli 2020 aangeboden aan de gemeenteraden van de vier gemeenten van Voorne-Putten zodat zij dit in september kunnen betrekken bij het formuleren van hun wensen en bedenkingen op de concept-RES.

Waar kunnen inwoners over meedenken?

Inwoners kunnen meedenken over de manieren waarop elektriciteit duurzaam opgewekt kan worden op Voorne-Putten en waar dat het beste zou kunnen. De verhouding zonne- en windenergie komt aan de orde en hoe inwoners willen meeprofiteren van de opbrengsten. De informatie die de gemeenten ophalen, wordt meegenomen in Regionale Energiestrategie die de regio Rotterdam-Den Haag op dit moment aan het maken is.

Wat is de rol van de gemeenteraden?

De gemeenteraden van de 23 gemeenten uit de energieregio Rotterdam-Den Haag beslissen mee over de RES. De ontwikkeling van de RES bevindt zich nu in de conceptfase en geeft een tussenstand van waar we op dit moment staan met de ontwikkeling van de RES. De concept-RES wordt de komende tijd besproken in de gemeenteraden. De gemeenteraden gebruiken de wensen, ideeën en voorkeuren van inwoners én de eerder opgestelde Energieverkenning Voorne-Putten en Warmtetransitievisie Voorne-Putten bij het formuleren van hun wensen en bedenkingen op de concept-RES. Deze moeten voor 1 oktober gecommuniceerd worden naar de energieregio Rotterdam-Den Haag. Zodra er een definitieve en vastgestelde RES 1.0 ligt, vermoedelijk net voor de zomer van 2021, is deze voor alle betrokken bestuurlijke partijen het uitgangspunt voor omgevingsinstrumenten zoals omgevingsvisie, omgevingsverordening en omgevingsplan.

Opwekken van duurzame elektriciteit

Wat is een Twh?

Een TWh of Terawattuur is een eenheid voor energie. 1 TWh = 1.000.000.000.000 wattuur. Ter vergelijking: 1 TWh is ongeveer de elektriciteitsvraag van een stad met 500.000 inwoners.  Nederland produceert nu rond de 17 TWh aan groene elektriciteit op land. In 10 jaar tijd moet dit dus ongeveer verdubbeld worden. Naast de energieopwekking op land, moet er in 2030 ook nog eens 49 TWh energie op zee opgewekt worden. Hier vindt u meer informatie over eenheden voor energie.

Waarom wordt er niet gekeken naar kernenergie?

Kernenergie kan een optie zijn voor CO2-arme elektriciteitsproductie, in combinatie met andere duurzame technologieën. Het is echter geen optie voor de RES, want daarin worden enkel duurzame technieken opgenomen die in 2030 gerealiseerd kunnen worden (zon en wind). Het bouwen van een kerncentrale duurt langer (circa 15 jaar). Eventueel toekomstige inzet van thoriumcentrales vraagt nog de nodige onderzoek en wordt pas in 2050 tot de mogelijkheden gerekend. Dus deze technologie behoort op dit moment niet tot de mogelijkheden.

Waarom wordt er niet gekeken naar waterstof?

Waterstof is een drager van elektriciteit en niet een energiebron en kan worden gebruikt in de gehele in huizen en gebouwen voor de verwarming ruimten en het maken van warm tapwater. Waterstofgas kan aardgas vervangen met beperkte aanpassingen aan het gasnet en apparatuur. De duurzaamheid van waterstof hangt af van de productiewijze. Anno 2019 wordt waterstof vooral gemaakt uit aardgas, in de toekomst zal dit meer en meer gebeuren door elektrolyse met hernieuwbare stroom. Bij de eindgebruiker zal alle gasapparatuur aangepast moeten worden en binnen een buurt moet in één keer omgeschakeld worden. Grootschalige toepassing in de gebouwde omgeving wordt naar verwachting pas na 2030 mogelijk.

(bron: Expertisecentrum Warmte)

Kunnen niet gewoon alle windmolens op zee?

Het gaat niet lukken om alle elektriciteit van windturbines op zee te halen. De zee is ook nodig voor andere sectoren als de visserij, scheepvaartroutes, natuur en mijnbouw. Opwekken van duurzame elektriciteit op land moet dus ook. Het Klimaatakkoord gaat voor 2030 uit van de realisatie van 49 TWh (circa 11,5 GW) aan windenergie op zee en 35 TWh hernieuwbare energie op land. Dat geeft de verschillende RES-regio’s de opgave om voor de opgave op land op zoek te gaan naar de mogelijkheden binnen hun eigen regio. Zo ook voor de energieregio Rotterdam-Den Haag. 

In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is aangegeven dat de zee zo maximaal mogelijk benut zal worden voor windenergie. En dat deze energie zoveel mogelijk aan zal landen bij de grote industriële clusters. Het uitgangspunt is aanbod en vraag zo dicht mogelijk bij elkaar te brengen. Dit beperkt kosten en heeft minder ruimtelijke impact van nieuwe hoogspanningsverbindingen.

Kunnen niet gewoon alle daken vol gelegd worden met zonnepanelen?

Met zonnepanelen op alle daken in Nederland komen we ook niet aan de benodigde duurzame elektriciteit. Er is 900 vierkante kilometer geschikt dakoppervlak in Nederland = 125.000 voetbalvelden. Hierop passen 270 miljoen zonnepanelen. Daarmee zouden we maar een deel van de totale elektriciteitsbehoefte in Nederland kunnen opwekken. Bovendien is het lastig om alle dakeigenaren te verplichten te investeren in zonnepanelen. Het is dus en, en, en. We hebben alles nodig om de doelstellingen te halen.

Kunnen we niet beter wachten op nieuwe technologie?

Als we gaan wachten, wordt de opgave steeds groter. In kortere tijd moeten we dan meer doen. Kosten zullen hierdoor toenemen. Zowel in het versneld toepassen van duurzame technieken als in de kosten voor het beheersen van de gevolgen van klimaatverandering. Nieuwe technologie komt er alleen wanneer er vraag is. We moeten deze vraag dus gaan creëren, door nu te investeren in de duurzame technieken. De markt zorgt voor efficiëntere producten of andere technologieën juist doordat producten nu worden aangeschaft en toegepast. Zo zie je dat een zonnepaneel steeds meer elektriciteit opwekt. Deze ontwikkeling kon juist plaatsvinden omdat zonnepanelen aangeschaft worden, waarbij marktpartijen toch graag betere producten willen maken dan de concurrent. Wanneer we gaan wachten en huidige technieken niet toepassen gaat de ontwikkeling van nieuwe techniek dus juist langzamer. 

De RES wordt om de twee jaar geactualiseerd. Zo kunnen nieuwe ontwikkelingen worden meegenomen. Windmolens en zonnepanelen staan er overigens niet voor eeuwig. In de toekomst zullen ze wellicht plaats maken voor slimmere oplossingen. Tot die tijd hebben we ze nodig.

Wat zijn de effecten van windenergie op vogels en natuur?

Windturbines kunnen negatieve effecten op de natuur hebben, vooral op vogels. Het aantal botsingen tussen vogels en windturbines valt mee, als je dit vergelijkt met bijvoorbeeld de gevolgen van het verkeer. Volgens schattingen sterven er door 1.800 Nederlandse windturbines zo'n 50.000 vogels per jaar. In het verkeer sterven er jaarlijks 2 miljoen vogels. 

Belangrijker dan botsingen is de verstoring door windturbines van voedsel-, rust- en broedgebieden. Hoe erg die verstoring is, hangt sterk af van de vogelsoort en de plek. Veel broedvogels kennen hun rust- en voedselgebieden zo goed, dat windturbines geen barrière zijn - ze vliegen er gewoon tussendoor. Sommige soorten, zoals eenden, ganzen, zwanen en steltlopers, houden liever flink afstand; dan kan er sprake zijn van verstoring.

(bron: Milieucentraal)

Wat is het effect van de bouw en productie van windmolens en zonnepanelen op het klimaat?

Windenergie is schoon en komt uit een bron die nooit opraakt. De CO2-uitstoot is 50 keer lager dan van die van 'grijze' stroom. Tijdens het opwekken van stroom met een windmolen komt er geen CO2, fijnstof of stikstofoxide in de lucht. Grote windmolens kunnen overlast geven voor omwonenden, maar er zijn manieren om dat tegen te gaan. Windturbines wekken stroom op zonder de lucht te vervuilen, zonder het klimaat te belasten en zonder grondstoffen uit te putten. Wel komt er wat CO2 vrij bij het bouwen, onderhouden en afbreken van de turbine, want daarvoor is energie nodig uit fossiele brandstoffen. Maar na 3 tot 6 maanden draaien heeft een turbine die hoeveelheid CO2-uitstoot al bespaard. Tijdens de hele levensduur van een windturbine, 20 jaar, produceert deze tot 80 keer zoveel energie als er nodig is om er één te bouwen.

(bron: Milieucentraal)

Staat uw vraag er niet bij?

Meer vragen, antwoorden en informatie over het Klimaatakkoord vindt u  hier.

Wilt u meer weten over de Regionale Energiestrategie in Nederland, bekijk hier de landelijke website.

Bekijk de Klimaatmonitor voor cijfers over lokale CO2-uitstoot, energieverbuik en hernieuwbare energie.

Heeft u een vraag over de Regionale Energiestrategie Rotterdam-Den Haag, kijk dan op de website van de energieregio Rotterdam-Den Haag.

Heeft u een vraag of wilt u meer specifieke informatie over de energie- en warmtetransitie neem dan contact op met de gemeente Westvoorne via 14 0181 of stuur een e-mail naar communicatie@westvoorne.nl.

om zaterdag 11 januari naar de themadag
'hybride-systemen' van de WoonWijzerWinkel.

Duurzaam Westvoorne Energie

Samen op weg naar een energieneutraal Westvoorne.

Duurzaam Westvoorne Circulair

Veel van wat we weggooien kan hergebruikt worden.

Duurzaam Westvoorne Natuur

Westvoorne bereidt zich voor op het veranderende klimaat.

Gemeente Westvoorne
Raadhuislaan 6
3235 AP Rockanje

Contactgegevens
telefoon 14 0181, of (0181) 40 80 00
gemeente@westvoorne.nl

© Ontwerp & realisatie CreatieCentrale